Het begin van de twintigste eeuw was een glorietijd voor de Nederlandse wetenschap - men spreekt niet voor niets van de 'Tweede Gouden Eeuw'. De geschiedenis van de Nobelprijzen spreekt wat dat betreft boekdelen: de allereerste Nobelprijs voor scheikunde werd in 1901 toegekend aan Jacobus van 't Hoff, en het jaar daarop ging de natuurkundeprijs naar de Akademieleden Hendrik Lorentz en Pieter Zeeman.
Erg veel ophef binnen de KNAW veroorzaakten die prijzen nog niet. De bijna mythische verering voor de prijs en de prijswinnaars die wij tegenwoordig zien, was er nog niet. De prijs bestond net en over het geld sprak men niet. De notulen van de vergadering van 27 december 1902 noemen de prijs een beetje terloops, om niet te zeggen zuinigjes: 'De voorzitter brengt het feit in herinnering dat den Heeren Lorentz en P. Zeeman de Nobel-Prijs voor natuurkunde is toegewezen en brengt hun hulde en den dank der Afdeeling voor de wijze waarop zij tot eer der Nederlandsche wetenschap zijn werkzaam geweest.' Waarna de vergadering werd voortgezet.
Van de Nobelprijs voor Van 't Hoff is in het geheel niets in de annalen van de Akademie terug te vinden. Maar Van 't Hoff was een paar jaar eerder naar Berlijn vertrokken, waarbij zijn volledig lidmaatschap werd omgezet in een corresponderend lidmaatschap.
Lorentz trok zich in ieder geval de summiere vermelding niet aan: van 1909 tot 1921 was hij voorzitter van de Afdeling Natuurkunde.

| Nederlandse Nobelprijswinnaars bij de KNAW 1901: Scheikunde: Jacobus Henricus van 't Hoff 1902: Natuurkunde: Hendrik Antoon Lorentz en Pieter Zeeman 1910: Natuurkunde: Johannes Diderik van der Waals 1911: Vrede: Tobias Asser 1913: Natuurkunde: Heike Kamerlingh Onnes 1924: Fysiologie of Geneeskunde: Willem Einthoven 1929: Fysiologie of Geneeskunde: Christiaan Eijkman 1936: Scheikunde: Peter Debye 1953: Natuurkunde: Frits Zernike 1969: Economie: Jan Tinbergen 1973: Fysiologie of Geneeskunde: Nico Tinbergen 1975: Economie: Tjalling Koopmans 1984: Natuurkunde: Simon van der Meer 1995: Scheikunde: Paul Crutzen 1999: Natuurkunde: Gerardus 't Hooft en Martinus Veltman |