Het Meertens Instituut koestert ruim duizend uur, oftewel zes weken non-stop luisteren, aan geluidsopnames van gesprekken tussen dialectsprekers uit alle delen van Nederland. Bij de opnamen gaat het om gesprekken tussen twee of meer mensen, zonder inmenging van de onderzoeker. Het Instituut is er vlak na 1950 mee begonnen en het project is afgesloten toen de opnames voldoende gespreid waren over Nederland.
De verzameling geeft een uniek beeld van een Nederland dat niet meer bestaat. De gesprekken gaan over zware armoede, over het meer dan anderhalf uur lopen naar de plek van je werkverschaffing in de crisisjaren, over de oorlogstijd, sociale tegenstellingen, lokale gebruiken, onderlinge wedijver tussen dorpen, het drogeren van wedstrijdduiven met hennep, het plukken van brandnetels voor de varkens, de slechte omstandigheden op vissersboten waar het drinkwater uit de ton nagenoeg zwart was.
Ooit moeten al deze opnamen via internet beschikbaar komen. Een selectie van aansprekene opnamen is op de website van het Meertens Instituut te vinden als ‘de sprekende kaart’. Een bijzonder fragment is bijvoorbeeld dat van het uitgestorven dialect van Emmeloord op het eiland Schokland. De Emmeloorders zijn in de negentiende eeuw naar het vasteland gebracht omdat de overheid hun eiland niet meer tegen het water wilde verdedigen. Een deel van de bevolking kwam in Kampen terecht, waar de opname in 1953 of 1954 is gemaakt.