200 jaar KNAW: 1808-2008

dinsdag 16 maart 2010
vorige volgende

Columns:

Magie en onttovering in de opvoeding

VIsual

Marinus van IJzendoorn
Pedagogiek
Prof. dr. M.H. van IJzendoorn is hoogleraar aan het Centre for Child and Family Studies van het Rommert Casimir Institute of Developmental Psychopathology van de Universiteit Leiden.

Kinderen denken in magische termen over de wereld. Peuters geloven dat de zon en de maan hen op de voet volgen. Omgekeerd kan de maan welbewust kinderen aan het dromen zetten, een van de talloze vormen van magische causaliteit die bioloog en pedagoog Jean Piaget een kleine eeuw geleden beschreef. De misdadiger zakt door een wankel bruggetje omdat hij zojuist een misdrijf heeft gepleegd. Fantaseren over de dood van een broertje of zusje heeft het overlijden tot gevolg. De fysieke realiteit straft morele misstappen genadeloos af, en omgekeerd vertaalt het magisch denken zich in onversneden realiteit.

Piaget was een optimist en klassiek vertegenwoordiger van de Verlichting. Hij meende dat de neergang van het magisch denken in het leven van het kind een kwestie van tijd en rijping was. De harde botsing met de zienswijzen van leeftijdgenoten zou het kind tot inzicht brengen in de onvermijdelijke inconsistenties van zijn magisch denken. Wat de socioloog Max Weber had beschreven als de onttovering van de wereld door de wetenschappelijke en industriële revolutie, herkende Piaget in de ontogenese van het individu. Maar was zijn optimisme gerechtvaardigd? Ik meen van niet.

Volwassenen laten immers ook fraaie staaltjes van magisch denken zien. Zo werd enkele jaren geleden nog vastgesteld dat meer dan de helft van een jaargroep studenten geloofde in het bestaan van ufo's. In diverse studies is aangetoond dat ruim de helft van de volwassenen gelooft in astrologie. Dergelijk magisch denken is wel in verband gebracht met psychische problemen, bijvoorbeeld intense gevoelens van onmacht als gevolg van kindermishandeling, maar dat lijkt toch onvoldoende verklaring voor de enorme verbreiding ervan.

Ook opvoeders, pedagogen en beleidmakers doen aan magisch denken, met alle verontrustende gevolgen van dien. Zo is er de krachtige stroming van het zogenaamde 'nieuwe leren' in 'authentieke' leeromgevingen waarin leerlingen elkaar cijfers geven en de docent de rol van portier in het studiehuis krijgt toebedeeld. Kennis is onbelangrijk, competenties staan voorop. Zonder noemenswaardige empirische evidentie maar met enthousiaste steun van bevlogen wetenschappers is het nieuwe leren aan haar zegetocht door onderwijsland begonnen. Een fraai staaltje van cargo cult science (Richard Feynman). De onttovering begint bij de gefrustreerde ouders van vastgelopen kinderen.

(Klik op de afbeelding voor een vergrote weergave)

De ezel in de school is een pentekening van Pieter Brueghel de oude. Hij maakte het in 1556. Sommige kenners menen dat hij de draak steekt met de leergierigheid van zijn landgenoten, omdat Italiaanse reizigers dachten dat iedereen in Nederlandse provincies kon lezen en schrijven. De strekking van het onderschrift is: "Ook al gaat een ezel naar school, hij wordt nooit een paard."
Pieter Brueghel de oudere leefde van rond 1525 tot 1569. Hij maakte in zijn jonge jaren veel pentekeningen die door Pieter van der Heyden (later) zijn nagemaakt in kopergravures. De afdrukken hiervan zijn breed verspreid. In zijn latere jaren schilderde hij meer zoals boerenbruiloften, de toren van Babel, winterse landschappen en spreekwoorden en kinderspelen.

Magisch denken tiert welig in de tuin van opvoeding, onderwijs en hulpverlening. Juist waar een overmaat aan meningen en schaarste aan feiten bestaat is magisch denken onvermijdelijk, en zijn myth busters onontbeerlijk. De belangrijkste taak van de onderzoeker is daarom de uitwassen van magisch denken aan de kaak te stellen. De wetenschapsfilosoof Karl Popper vergeleek de rol van de wetenschap met wieden van onkruid, in de hoop dat 'ware' inzichten de ruimte zouden krijgen. Waarheid zelf zou een wijkende horizon blijven.

Berlijn, Duitsland: Holocaust Memorial

Als ons geen blik is vergund op de waarheid dan kan alleen onttovering van de magie tot magistrale belevenissen leiden. Zo'n ervaring deed zich voor toen we langs verschillende onderzoekswegen tot de ontdekking kwamen dat ernstig trauma van ouders (zoals door de Holocaust) zich niet doorzet in de tweede of derde generatie nakomelingen. In de klinische praktijk is de idee van 'secundaire traumatisering' wijd verbreid. Dat idee beperkt de visie van therapeut en patiënt op de mogelijke oorzaken van psychisch leed, en verkleint daardoor de kans op herstel. Onttovering maakt ruimte voor betere interpretaties, en vergroot keuzevrijheid. Onttovering is de magie van de wetenschap.

Rommert Casimir (Kollum, 29 september 1877 - Voorburg, 13 maart 1957) was de eerste hoogleraar Pedagogiek en Onderwijskunde (aan de Universiteit Leiden), en vader van de natuurkundige H.B.G. Casimir die president was van de KNAW.

print pagina

KNAW
Postbus 19121
1000 GC Amsterdam
tel. 020-5510759
knaw200@bureau.knaw.nl

Als forum, geweten en stem van de wetenschap bevordert de KNAW de kwaliteit en de belangen van de wetenschap en zet zij zich in voor een optimale bijdrage van de Nederlandse wetenschap aan de culturele, sociale en economische ontwikkeling van de samenleving. Zie: www.knaw.nl